De impact van COVID-19 op je boekhouding

Weet je wat COVID-19 concreet voor je boekhouding, jaarrekening en bijbehorende verslagen betekent? We zetten een aantal aandachtspunten op een rij.

We moeten de menselijke en economische gevolgen van het coronavirus wellicht niet meer in detail schetsen. De sectoren die klappen kregen, zijn bekend, net als misschien de uitspraak van OESO-topman José Ángel Gurría, die vermoedt dat het herstel ‘niet in een V- maar in een U-vorm zal verlopen’ (waarbij we dus een langere periode ‘in het dal’ zullen doorbrengen). Maar wat COVID-19 nu heel concreet voor je boekhouding, jaarrekening en bijbehorende verslagen betekent, is misschien minder duidelijk. Daar brengen wij graag verandering in door een paar aandachtspunten in de verf te zetten.

Impact op je jaarrekening...

De begrotingen en prognoses waarop je je voor de coronacrisis baseerde, zijn gezien de snel veranderende omstandigheden wellicht niet meer up-to-date of relevant. Sluit jouw boekjaar af op 31 december 2019, dan horen de gevolgen van COVID-19 onder de ‘gebeurtenissen na afsluitingsdatum van het boekjaar’ waarover de Commissie voor Boekhoudkundige Normen (CBN) op 9 mei 2018 een advies publiceerde.

Het is aan jou als ondernemer om te beoordelen welke toelichting er nodig is om de impact van de gebeurtenissen na de balansdatum accuraat weer te geven. Mogelijke gevolgen die je zou kunnen opnemen, zijn bijvoorbeeld een verplichte tijdelijke sluiting, een omzetdaling, contractverlies, productie-onderbrekingen of personeelstekort. Kun je niet inschatten wat de financiële gevolgen zullen zijn, dan moet je dit met zoveel woorden in je toelichting zeggen.


Voor boekjaren die afsluiten ná de uitbraak van het virus, moet je bij het opstellen van de jaarrekening natuurlijk wel rekening houden met de eventuele gevolgen ervan op je cijfers. Denk bijvoorbeeld aan voorzieningen voor niet-recurrente risico’s en kosten of andere niet-recurrente bedrijfs- en financiële kosten.

…en op je jaarverslag

Moet je een jaarverslag opstellen, dan zijn artikelen 3:5 en 3:6 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen (WVV) van belang. Daarin lees je onder meer dat je verslag moet uitbrengen over de belangrijkste risico’s en onzekerheden waarmee je onderneming te kampen heeft, en over de gebeurtenissen na de afsluiting van het boekjaar waarover we het net hadden. Als kleine onderneming die geen jaarverslag maakt, moet je je verantwoorden in de toelichting bij je jaarrekening.

Massale ommezwaai richting digitale boekhouding

Eindigen doen we niet met risico’s en onzekerheden, maar met een positieve noot. Als 100% digitaal kantoor zijn we namelijk blij om te merken dat de coronacrisis meer en meer kmo’s aanmoedigt om eindelijk afscheid te nemen van hun papieren boekhouding en om digitaal te gaan samenwerken en boekhouden. Een digitale aanpak is niet alleen de enige optie in het geval van een lockdown, maar maakt ook een realtime-opvolging van cijfers mogelijk – een aspect dat uiteraard aan belang wint in onzekere tijden.

Meer weten over de impact van COVID-19 op boekhoudkundig vlak? We staan, zoals altijd, voor je klaar.    

 


Deel dit bericht op:


Andere berichten

31 augustus 2021: deadline voor het UBO-register

Voortaan moet je jaarlijks je UBO’s bevestigen. De meeste vennootschappen zullen dit de eerste keer (zelf) moeten doen tegen 31 augustus 2021. Lees meer.

Lees meer

Waarom je de fiscus moet informeren over je renovatie? Kadastraal inkomen!

Bepaalde verbouwingen moet je aangeven aan de fiscus, omwille van het effect op je kadastraal inkomen. En de boetes voor wie dat niet doet, gaan de hoogte in.

Lees meer

Beroepskosten: te verwerken in het juiste boekjaar

Beroepsuitgaven zijn enkel aftrekbaar als ze zijn geboekt in het juiste boekjaar. Dus: in het jaar van de activiteiten of inkomsten waarbij ze horen. Lees meer.

Lees meer